TOP
Foto: Jörn Neunmann

Interview met Louwrens Langevoort, intendant bij de Philharmonie in Keulen

Louwrens Langevoort werd in 1957 in Groningen geboren. Op 23-jarige leeftijd verliet hij zijn geboorteland, om vervolgens in België, Salzburg en ten slotte in Duitsland te gaan werken. Sinds 2005 is Langevoort intendant bij de Philharmonie in Keulen. Onlangs werd zijn contract verlengd tot 2025. We ontmoetten hem voor een gesprek.

Interview door Ralf Johnen

Duitsland Magazine: U heeft een heel mooie baan die u met veel vrijheid kunt invullen. Bij u kunnen op opeenvolgende dagen zowel techno-dj Jeff Mills en ster-violiste Anne-Sophie Mutter te gast zijn. Is dat typisch voor het Nederlandse begrip van cultuur?

Louwrens Langevoort: Het programma van de Philharmonie moet heel veelzijdig zijn. Het gebouw werd gebouwd voor klassieke muziek. En de beide huisorkesten repeteren hier overdag bijna dagelijks. Dat resulteert in ongeveer 100 concerten per jaar, maar dan blijven er nog altijd 250 vrije avonden over. Naast de klassieke concerten van zeer hoge kwaliteit krijgen de vrije avonden een ander karakter: jazz, world music en musicals, maar ook experimentele muziek. Ik kan niet zeggen dat het hierbij om een Nederlands cultuurbegrip gaat. Wij noemen dat ‘Philharmonie voor een moderne stad’.

Foto: Guido Erbring

DM: Merkt u na zoveel jaar in Keulen andere mentaliteitsverschillen tussen Nederlanders en Duitsers?

LL: Ik weet niet of ik nog goed op de hoogte ben. Maar als ik de uitslagen van de laatste verkiezingen (Provinciale Staten in maart 2019, red.) bekijk, moet ik zeggen: de vele stemmen voor het Forum voor Democratie en andere populistische partijen zijn een ontwikkeling die in mijn tijd in Nederland nog niet bestond. Dat is iets heel nieuws.

DM: En in een groter maatschappelijk verband?

LL: De Nederlanders zouden heel losjes zijn. Maar ik geloof niet dat ze zo ontspannen zijn als ze zich vaak voordoen. Er is zeker een cultuur aanwezig die gebaseerd is op meebeslissen en meepraten. In Duitsland is dat vergelijkbaar, maar veel zaken zijn hier vaak wat strenger geregeld.

DM: Duitsers denken ook graag dat Nederlanders open en tolerant zijn. Hoe ziet u in dit opzicht de ontwikkelingen van de laatste tientallen jaren?

LL: Ik geloof dat de mensen in de laatste 30 tot 40 jaar aan beide zijden veel gemakkelijker geworden zijn – ook ten opzichte van elkaar. Maar ik vind dat Duitsland beslist een van de transparantste landen van Europa is.

“Ik voel me eigenlijk overal thuis”

DM: Is er in het land waar u tegenwoordig leeft iets wat u mist ten opzichte van Nederland?

LL: Nee, ik verheug me er altijd weer over in Amsterdam te zijn, maar ik ben ook gelukkig in Parijs, Keulen of Berlijn. Ik geloof dat dat met je eigen karakter te maken heeft. Daarom voel ik me eigenlijk overal thuis. Dat hangt natuurlijk ook samen met de opdracht die je hebt. En ik heb hier de mooiste die je je kunt voorstellen. De omstandigheden zijn perfect.

DM: Veel Nederlanders zeggen dat ze Duitsers stijf vinden. Kunt u dat bevestigen?

LL: Aanvankelijk had ik die indruk ook, maar inmiddels niet meer. Het is ook bijna 40 jaar geleden dat ik uit Nederland vertrok. Zo gaat dat nu eenmaal met clichés, of het nu om Fransen, Britten of Amerikanen gaat: als je eenmaal ter plaatse bent, moet je meestal vaststellen dat het allemaal anders is dan je dacht. Ik ga zelf bijvoorbeeld graag naar Frankrijk, ook als anderen zeggen dat Fransen arrogant en gesloten zijn. Ik vind dat dat helemaal niet klopt.

Foto: trabantos/shutterstock.com

“Je kunt hier bijna alles bereiken wat je wilt.”

DM: Je zou ook kunnen zeggen dat het vreemd is dat sommige volken ook tegenwoordig nog weigeren Engels te spreken…

LL: Ja, maar waarom zouden ze dat ook moeten? Ik erger me eraan dat als ik in Amsterdam ben, ik in een restaurant alleen nog maar in het Engels wordt aangesproken.

DM: Dat kan overigens ook in Berlijn gebeuren en onlangs overkwam het me zelfs in Keulen. En als we toch over Keulen spreken: wat bevalt u dan aan deze stad?

LL: De charme van Keulen is dat het absoluut de meest chaotische stad van Duitsland is. Je kunt hier bijna alles bereiken wat je wilt, je hebt alleen wel veel uithoudingsvermogen nodig. Bovendien houd ik van mijn werk en de mensen om mij heen, in de Philharmonie, maar ook in de stad.

DM: Daarbij zijn Duitsers tot nu toe grotendeels verschoond gebleven van de massieve bezuinigingen die de cultuursector in de afgelopen tijd in Nederland heeft moeten ondergaan.

LL: Dat heeft te maken met de politieke partijen die aan de macht zijn. Die zijn ervan overtuigd dat in een liberaal systeem een ander soort financiering voor cultuur mogelijk moet zijn. Dat is naar mijn mening een verkeerde denkwijze, want cultuur is net zo belangrijk voor de maatschappij als politiek en economie.

Foto: Stefan Bernsmann/shutterstock.com

“Keulen heb je lief”

DM: Terugkomend op de meest chaotische stad van Duitsland. Klopt het dat u in de wijk ‘Agnesviertel’ woont?

LL: Ja, officieel heet dit gedeelte van de stad ‘Neustadt-Nord’. Voor mij is het daar ideaal. De Neusser Straße heeft een hoge levensstandaard. Er zijn enkele boekenwinkels, dat is een van de factoren waaraan je de cultuur in een stad kunt meten: boeken en discussies.

DM: Fietst u als Nederlander ook graag door deze stad?

LL: Ik vind Keulen een fietsvriendelijke stad. Je kunt in ieder geval op de fiets alles goed bereiken. De smalle fietspaden zijn daarbij voor mij minder problematisch dan straten met kinderkopjes. Maar eigenlijk ben ik van mening dat men veel consequenter moet zijn en de complete binnenstad autovrij moet maken. Die zou daardoor een veel mooier karakter krijgen.

Foto: Frederik Loewer/shutterstock.com

DM: Keulen zou daarmee trendsetter worden en misschien zou de aandacht dan niet meer alleen naar Berlijn uitgaan.

LL: Berlijn is nou eenmaal de hoofdstad. Desondanks blijft Keulen de ‘Hauptstadt der Herzen’, de stad die je liefhebt.

DM: Dat klinkt niet alsof u na uw pensionering naar de hoofdstad verhuist?

LL: Nee, ik ben gelukkig in Keulen. Ook in culinair opzicht is de stad op de goede weg. Ik blijf hier ook wonen als ik niet meer werk. Ik heb 20 jaar in een stad geleefd, waarom zou ik dan weggaan? Ik zal hier altijd een woonplek behouden. Misschien ook in andere steden, maar ik ga in ieder geval niet terug naar Nederland.

Foto: Jens Korte/Köln Tourismus GmbH

“Je moet ervoor zorgen dat je up-to-date blijft.”

DM: Tot slot zou ik graag nog wat over uw werk willen vragen. Vinden we uw persoonlijke smaak in het programma van de Philharmonie terug?

LL: Voor mij is het belangrijk dat hier niet alleen maar muziek gespeeld wordt die ík mooi vind. Natuurlijk heb ik ook mijn voorkeuren, maar daarvan hoeft een concertbezoeker niets te merken. Iedereen moet de kans krijgen hier iets naar zijn of haar smaak te zien en te horen. Het moet echter wel van een hoge kwaliteit zijn en in het financiële plaatje passen. En als het om iets experimenteels gaat, heb ik altijd nog een mogelijkheid het te kunnen rechtvaardigen, omdat ik deze muziek op deze plaats belangrijk vind.

DM: Klopt het dat één van uw stokpaardjes het ‘Festival Acht Brücken’ is, dat elk jaar in mei is gewijd aan moderne muziek en die vanuit alle perspectieven belicht?

LL: Het festival is nu, in het negende jaar, een succes in de stad. Je moet ervoor zorgen dat je up-to-date blijft en steeds weer nieuwe projecten in het leven roept. In deze zomer lanceren wij met ‘Felix’ een festival voor oorspronkelijke klanken. Maar eens zien of we daarmee ook de barokke geesten van deze stad kunnen ondersteunen.

DM: Hoe vaak bent u zelf te gast in uw eigen concertzaal?

LL: Ongeveer vijftien keer per maand. De andere dagen ben ik bij voorstellingen in andere steden. Dat varieert van Madrid en New York tot aan Reykjavik.

Foto: Matthias Baus

Info:

De Keulse Philharmonie is al sinds 1986 niet meer weg te denken uit de Duitse muziekwereld. Dat is mede te danken aan de veelzijdigheid van het programma met grote symfonische werken. Daarnaast omvat het jazzsessies, folk- en popmuziekconcerten en premières die gewijd zijn aan nieuwkomers en minder bekende of juist buitengewone musici. Het accent in het programma van het afgelopen concertseizoen lag op de serie met de titel ‘Fokus Niederlande’. In het kader hiervan waren niet alleen dirigent Bernhard Haitink en violiste Janine Jansen te gast, maar ook de grote orkesten uit Rotterdam en Amsterdam.