TOP
Foto: 360b/shutterstock.com

„Ich bin ein Berliner“

Een plaats. Een zin. Een legende.

Tekst: Carolin John

Toen John F. Kennedy op 26 juni 1963 in het kantoor van Willy Brandt het manuscript van zijn toespraak nog eens doorlas, kon hij nog niet vermoeden welke uitwerking zijn bezoek en zijn woorden zouden veroorzaken. Zijn bezoek in Berlijn duurde in totaal slechts acht uur. Maar hij werd met dat ene moment een wereldwijde legende in de geschiedenis. In de zomer is dit historische moment 50 jaar geleden.

“De vrijheid is ondeelbaar”

Met zijn toespraak die hij in de open lucht voor het Schönhauser Rathaus voor honderduizend juichende mensen hield, toonde John F. Kennedy zijn solidariteit met de West-Duitsers, die op13 augustus 1961 moesten toezien, hoe de regeringsleiders van de DDR midden in Berlijn de Muur oprichtten. “De vrijheid is ondeelbaar”,  roept Kennedy de Berlijnse burgers in zijn rede toe en bekritiseert het communisme als een “slecht systeem”, voordat zijn legendaire zin uitgesproken wordt.

John F. Kennedy kwam in 1963 eigenlijk naar Berlijn om het 15e jubileum van de Berlijnse luchtbrug te vieren. Een jubileum, waarmee de Amerikanen lieten zien dat ze nog steeds duidelijk aan de zijde van West-Duitsland staan. In 1948 vlogen ze met hun Rosinenbombern (‘rozijnenbommenwerpers’) over militaire blokkaden van de Russen die het door de oorlog verwoeste West-Berlijn van de rest van de wereld afzonderden en in een precaire situatie hadden gebracht. Terwijl de Sovjets in het bezette na-oorlogse Berlijn hun macht wilden demonstreren en de Berlijners er voorzichtig toe wilden dwingen de Russische munt in te voeren, doorkruisten de Amerikanen deze gijzeling boven de wolken. Door middel van de luchtbrug verzorgden ze de West-Berlijners met levensmiddelen, kolen en medicijnen en lieten hiermee het vuur van weerstand en vrijheid in de omsingelde Westsector oplaaien.

Foto: Foto: thatsmymop/shutterstock.com

euforische ontvangst

De vrijheid is ook op de dag van het jubileum van de luchtbrug het motief dat John F. Kennedy beweegt. In zijn toespraak, die hij op 26 juni 1963 in het kantoor van Willy Brandt, de toenmalige burgemeester van Berlijn, nog een keer oefent, is ‘vrijheid’ het meest genoemde woord. Het is één van de pijlers van een democratische wereldmacht en de Amerikaanse stuwkracht voor progressie. ‘Democratie, vrijheid en vooruitgang’ is het doel  van de mensen, is de strekking van zijn rede. En West-Berlijn een “eiland van vrijheid”.

Honderdduizenden mensen staan langs de straten van de hoofdstad, als de Amerikaanse president samen met bondskanselier Konrad Adenauer naar het Stadhuis Schöneberg rijdt. ‘Ish bin ein Bearleener’, zou de journalist Robert Lochner vantevoren fonetisch voor de Amerikaanse president in zijn manuscript geschreven hebben. Wanneer de staatslimousine voor het Schöneberger Stadhuis voorrijdt, de president uitstapt en naar het spreekgestoelte loopt, wordt hij euforisch met “Ken-ne-diii“-spreekkoren ontvangen.

 

Een symbool van verbondenheid

Letterlijk zei John F. Kennedy: “Alle vrije mensen, waar ze ook leven, zijn burgers van deze stad en daarom ben ik er trots op dat ik kan zeggen: Ik ben een Berliner.” Kennedy’s uitspraak is een symbool van verbroedering, een verbondenheid in hart en ziel. Voor de Berlijnse burgers vormden de woorden van Kennedy de essentie bij het verzet en de strijd tegen onderdrukking van de mensen door een (communistische) dictatuur.

Belezen personen kunnen zich misschien herinneren aan een passage uit Jules Vernes ’20.000 mijlen onder zee’. Daar staat in hoofdstuk 16: “Deze Indiër, zei de kapitein, leeft in een land van onderdrukking. En alle onderdrukte mensen, waar ze ook mogen leven, behoren tot dit land Indië en daarom zal ik als onderdrukte tot aan mijn laatste ademhaling zeggen: Ik ben een Indiër!”

De werking van Kennedy’s woorden was overweldigend. Egon Bahr, destijds persagent van Willy Brandt, wist, dat Berlijn vanaf deze dag onaantastbaar was, onafhankelijk van de duur van de deling. En John F. Kennedy vatte tijdens zijn verdere reis van Berlijn naar Ierland het belang van zijn bezoek en zijn toespraak samen met de woorden: “We zullen nooit meer zo’n dag als vandaag beleven.” Ook van de andere kant van het IJzeren Gordijn kwamen er reacties op het bezoek van de Amerikaanse president.

Foto: David Blackwell

Nog een persoonlijke bekentenis

Twee dagen na het vertrek van Kennedy bezocht de Russische regeringschef Nikita Chroetsjov Berlijn, maar dan wel het oostelijk deel van de gescheiden stad. En ook Chroetsjov legde, zinspelend op de rede van Kennedy, waarin deze de Muur als “afschuwelijkste en duidelijkste voorbeeld van mislukking van het communistische systeem” genoemd had, een persoonlijke bekentenis af: “Ik houd van de Muur.” Een kleine provocatie, maar geen zin die historische gezien in het geheugen bleef hangen.

Het bezoek van John F. Kennedy heeft zich daarentegen niet alleen in het culturele geheugen gegrifd, maar ook in het openbare leven in Berlijn. Geschiedenis en stad komen samen. In de hal van het stadhuis in Schöneberg ontdekt de opmerkzame Berlijn-bezoeker direct de gedenktafel, die uit dankbaarheid en in verbondenheid met John F. Kennedy aan de indrukken van de Amerikaanse president herinnert.

Het geluid van de vrijheid

En meer dan dat. Want als de klok van het stadhuis klingelt, klinkt het geluid van de vrijheid door Berlijn. Want de klok is een copie van de beroemde ‘Liberty Bell’ uit Philidelphia. Ze kwam op weg naar Berlijn door 26 US-bondsstaten. Maar liefst 16 miljoen Amerikanen hebben de klok door schenkingen gefinancierd en een vrijheidsverklaring ondertekend. Dat was nog voor Kennedy’s tijd. Het originele document met de vrijheidsverklaring en de leus ‘Fight communism’ wordt in de toren van het Schöneberg Rathaus bewaard. De ‘Liberty-Bell’ luidt dagelijks om 12 uur. Samen met de gedenktafel herinnert het luiden van de vrijheidsklok de Berlijners dagelijks aan het meest waardevolle goed dat je moet verdedigen – de vrijheid.

Foto: Caracarafoto/shutterstock.com