De groene Hunsrück

Het moet niet altijd de Eifel of het Sauerland zijn. De Hunsrück in de deelstaat Rijnland-Palts is de ideale regio om ver weg van alle toeristische drukte in een groene omgeving te kunnen ontspannen, wandelen en lekker eten. Een mooie afwisseling van de dagelijkse stress.

Vergezicht Hunsrück Vergezicht Hunsrück © Hunrück Touristik GmbH/Eike Dobois

Smaak is onderhevig aan verandering en dat is ook zo bij vakantie. Mijn keuze gaat in de laatste jaren steeds vaker uit naar regio’s in Duitsland waar je rust vind. Ik houd van mensen en streken die nog oorspronkelijk zijn. Geen poespas en geen toeristen, die elkaar in de weg lopen. De Hunsrück is zo’n omgeving, vind ik. De Hunsrück is misschien niet het eerste waar je aan denkt als je vanuit Nederland naar een bergachtig gebied wilt reizen. Het Bergisches Land, het Westerwald, het Siegerland of de Eifel liggen qua bereikbaarheid eerder voor de hand. Maar die streken ken ik allemaal. Dit keer is de Hunsrück aan de beurt. Het gebied tussen Kell am See in het zuiden en Emmelshausen in het noorden heeft een oppervlakte van krap 4.444 km², ligt in het hart van Rijnland-Palts en bestaat voor een groot deel uit middelgebergte.

Geierlay hangbrugOp een landkaart is de regio vrij makkelijk te herkennen. De rivieren Rijn, Moezel en Nahe omsluiten het gebied en in het zuiden vormt het Saarland de grens van de Hunsrück. Te bereiken is de regio gemakkelijk via de A 61 tot ongeveer 50 kilometer zuidwestelijk van Koblenz, waar de echte reis begint. Daar vind je de belangrijkste bezienswaardigheden van de streek, zoals de Geierlay-hangbrug die op 3 oktober 2015 officieel werd geopend. De Geierlay-hangbrug zweeft boven het dal van de Mörsdorfer-beek, goed verstopt in het bos. Auto’s mogen niet in de buurt van de brug komen. Op een afstand van ongeveer twee kilometer van de brug ligt midden in Mörsdorf een parkeerplaats waar je voor twee euro kunt parkeren. Daar is ook het bezoekerscentrum waar je meer te weten kunt komen over de totstandkoming van de brug.

Na een wandeling van ongeveer 20 minuten kom ik eindelijk bij de brug aan. Tellingen via de live-cam hebben uitgewezen dat gemiddeld elke vijfde bezoeker de brug toch niet oploopt. Maar ik laat me niet kennen. Een kleine adrenalinekick kan geen kwaad. Ik kijk naar boven, waar de zon weer vrij spel heeft en wandel in de richting van de sparrenbomen die in een groep rondom de Geierlay staan. Als ik midden op de brug sta, is het plotseling doodstil. Ongeveer honderd meter onder mij loopt een groep wandelaars door het dal. Dit statige en majestueuze bouwwerk heeft een fantastische uitstraling. Als het zachtjes begint te regenen pak ik mijn biezen.

De volgende dag bezoek ik een andere attractie van de streek: het nationaalpark Hunsrück-Hochwald, dat net als de hangbrug in 2015 werd geopend. Het park is ongeveer 10.000 hectare groot. In de brochure wordt het beschreven als ‘mysterieus, magisch en imposant’. Het bestaat uit oude beukenbossen, veengronden, met stenen bezaaide hellingen en weiden vol arnica-en borstelgras. Van heel Midden-Europa is dit de streek waar de meeste wilde katten voorkomen. Degenen die flora en fauna in het het jongste nationaalpark van Duitsland liever met een gids willen verkennen, kunnen aan zgn. ‘rangertours’ deelnemen. Deze worden zowel voor individuele personen als voor gezinnen georganiseerd en zijn gratis. De rangers van het park beschouwen zich als natuurbeschermers. Niet voor niets is het credo van het park ‘Laat de natuur natuur zijn’. En daarbij hoort ook, dat de rangers hun kennis over de flora, fauna, geologie en ecologische omstandigheden aan geïnteresseerde bezoekers doorgeven. Ik heb besloten deel te nemen aan een rangertour op zaterdagmiddag. Trefpunt is het Hunsrückhuis aan de Erbeskopf, met 816 meter de hoogste berg van Rijnland-Palts. Onze ranger, Stefan Roth, is een begin veertiger en wacht inmiddels bij de ingang van het Hunsrückhuis. Hoeveel deelnemers hij vandaag op zijn tour heeft weet hij nog niet.

De zon brandt flink vandaag. Ook al koelt het in de Hunsrück ’s nachts behoorlijk af, overdag kan het er met gemak meer dan dertig graden worden. Tot slot voegt zich nog een gezin met vier kinderen bij ons. Onze tweeënhalf uur durende wandeling door het nationaalpark kan beginnen. Roth loopt voorop in de richting van de bosrand. De rest van de groep volgt en luistert steeds aandachtig naar zijn uitleg. Het aantal sparrenbomen moet ten gunste van de beuken worden teruggedrongen. In het bos zien we douglassparren, berken, beuken, pijpestro en verrassend veel vingerhoedskruid. “De laatste stop”, kondigt Roth aan. “Nu wordt het ernst. Ik wil graag dat jullie allemaal achter me blijven.” De bodem wordt soppig. “Kijk, hier groeit distel, adelaarsvaren en pijpestrootje. Dat is geen goed teken voor de toestand van het moeras”, licht de ranger toe. Daarvoor in de plaats moeten hier in de toekomst weer typische moerasplanten en -dieren groeien en leven. Meerdere keren per jaar komen vrijwilligers hierheen die de sloten afsluiten, waar op dit moment nog water wegvloeit. Het moet hier weer een moeras worden, zoals dat vroeger ook was. Een natuurlijk bos, wat het ooit weer moet worden, is het nog lang niet. Dat zal meerdere decennia duren.

Wie de idylle van het nationaalpark optimaal wil beleven, moet er ook ’s nachts blijven. Ik ga op weg en rijd door de dorpen die in het park liggen. Geen mens te verkennen, alleen maar een paar koeien in de wei. Vanzelfsprekend zijn er in het park geen gigantische hotelgebouwen te vinden. Maar er is wel een gasthuis met een voortreffelijke keuken. Samen met zijn vrouw Christiane Detemple-Schäfer heeft Oliver Schäfer in het achthonderd zielen tellende gehucht Neuhütten een klein hotel met de veelbelovende naam ‘Le Temple’. Al sinds 1992 koken de beide echtelieden in hun fijnproeversrestaurant. In 1994 werden ze door de testers van Michelin geëerd met een ster. Sindsdien fonkelt de ster onafgebroken. Ik heb hier de zaterdagavond op het terras gedineerd en ik moet zeggen het was fantastisch. Het is niet te geloven dat je in de afgelegen Hunsrück zo’n exquise keuken vindt.

De volgende dag eindigt mijn reis door de Hunsrück, maar ik wil er nog niet aan denken mijn koffer te moeten pakken. Met gesloten ogen laat ik de reis nog eens de revue passeren. Omdat ik de natuur, de stilte en de eenzaamheid in de Hunsrück zo intensief heb beleefd, heb ik ook talloze indrukken in mij opgenomen. Ik merk hoe goed het voor mij als stadsmens is een weekend zonder hectiek van de metropool door te brengen. Tot de volgende keer, Hunsrück!

Info
Hunsrück-Touristik GmbH, Gebäude 663, 55483 Hahn-Flughafen
Telefoon +49(0) 6543/507703
www.hunsruecktouristik.de
Hotel Restaurant Birkenhof, Birkenweg 1, 55469 Klosterkumbd bei Simmern.
Telefoon +49(0)6761/95400.
www.hotel-birkenhof-hunsrueck.de
Le Temple, Saarstraße 2,  54422 Neuhütten.
Telefoon +49(0)6503/7669
www.le-temple.de

 

Het volledige artikel over de Hunsrück van Frank Störbrauck  is te vinden in Duitsland magazine 3/2017.

Naar boven